fbpx

Het was in 2004 dat mijn vader mij vroeg of ik penningmeester wilde worden van de plaatselijke begrafenisvereniging. Jeroen en ik zaten midden in de verbouwing van ons eerste koophuis. Mijn vader hielp ontzettend hard mee. En tijdens het klussen vroeg hij dit.

De huidige penningmeester was ernstig ziek geworden en kon het werk niet meer doen.

Ik was niet onbekend met dit werk. Mijn vader was als sinds 1986 voorzitter van deze vereniging en hij had dit werk overgenomen van zijn vader, mijn opa.

Toen ik nog thuis woonde draaide veel om het vrijwilligerswerk voor deze vereniging. De ledenadministratie werd door mijn moeder gedaan. En de uitvaartleider en verzekeringsadviseur kwamen regelmatig bij ons over de vloer.

Het bestuur was eigenlijk een beetje een oude heren club. Natuurlijk werd er veel vergaderd, maar er was ook zeker ruimte voor gezelligheid. En na de vergadering kwam de fles jenever op tafel te staan. In die tijd ging dat nou eenmaal zo.

Ik kwam als allereerste vrouw in dit bestuur. De heren vonden het geweldig. Eindelijk weer jong bloed door de vereniging.

Sommige heren zaten al meer dan 40 jaar in dit bestuur.

Na de vergadering ging ik direct naar huis en de heren bleven nog om hun gebruikelijke borreltje te drinken.

In 2007 bestond de vereniging 100 jaar. Iets waar we als bestuur zeker bij stil hebben gestaan.

Maar het was ook in dat jaar dat mijn vader overleed.

De uitvaartleider die zo vertrouwd aan ons huis was, moest ik nu bellen om te melden dat mijn vader was overleden.

De bestuursleden waren er kapot van. Zoveel jaren hadden ze samen met mijn vader samen gewerkt.

En eensgezind waren ze het er over eens dat ik zijn rol als voorzitter moest overnemen. De traditie vervolgde zich.

De vergaderingen bestonden nog steeds uit gezelligheid, maar het borreltje achteraf heb ik toch maar weggelaten. De bestuursleden vonden het prima. Ze wisten dat ik de volgende dag gewoon weer aan het werk moest. Terwijl deze heren allemaal van hun pensioen genoten.

De jaren verstreken. Bestuursleden die al 50 jaar dit werk deden, stapten uit het bestuur. Ze droegen het werk over aan jonge mensen. Andere bestuursleden overleden.

Er kwamen nieuwe bestuursleden, waaronder ook meer vrouwen.

De laatste jaren werd het steeds moeilijker. De wet en regelgeving wordt steeds strenger en het is lastig om al deze nieuwe regels bij te houden.

Zelf wilde ik al een aantal jaren stoppen. Maar het vinden van nieuwe bestuursleden werd steeds lastiger.

Het ledenaantal werd lager en er kwamen geen nieuwe leden bij.

Er moest wat gebeuren.

De laatste 2 jaar zijn we intensief bezig geweest om te gaan fuseren met een andere uitvaartvereniging. Vele vergaderingen volgden. Leden werden ingelicht. En langzaam kwamen we tot een mooi resultaat.

We kwamen tot een fusie. Nou moest deze alleen nog worden goedgekeurd door de leden.

En afgelopen week was het zover. De stemming tijdens de ledenvergadering.

We hadden alles tot in de laatste puntjes voorbereid. Eigenlijk kon er niets meer fout gaan.

En toen gebeurde het.

Ik stond nog even in de badkamer, vlak voordat ik weg moest. Een spanning en emotie overvielen mij. Het gevoel van, dit is het.

Via de badkamer spiegel hield ik een gesprek met mijn vader. Nou pap, ik heb er alles aan gedaan om deze fusie tot een goed eind te brengen. Anders dan dit had ik het niet kunnen doen.

Tijdens de vergadering bleef de eerste rij leeg. Gek is dat hoe mensen zijn. Niemand gaat vooraan zitten. Ze beginnen achteraan en zo worden de stoelen langzaam naar voren toe gevuld.

Op die eerste rij visualiseerde ik mij dat daar het oude bestuur zat. Al die oude heren die al waren overleden en die dit werk zoveel jaren met liefde hadden gedaan. Ze zouden een positieve energie uitdragen tijdens deze stemming.

Ik deed mijn verhaal, las het juridische gedeelte voor en we gingen over tot de stemming.

Iedereen was voor. Geen vragen en geen bezwaren.

Op dat moment keek ik rond.

Dit was het.

Het is klaar.

Stotterend en met een emotie in mijn stem ging ik door met praten. Bedankte de leden. Bedankte de bestuursleden en iedereen die mee heeft geholpen aan deze fusie.

Het was een feit!

Na die tijd was er reden voor een borrel. Na ja, niemand drinkt eigenlijk nog jenever. Er was cola en bier.

Maar in mijn gedachten had ik die borrel vast en keek ik even naar boven. Nou heren, het is gelukt.

Het goede werk van de vereniging blijft bestaan!

En ik?

Ik trek me terug als voorzitter, als penningmeester en als hulp van de ledenadministratie.

Iets wat ik heel wat jaren wilde doen. Maar nu het zover is, voelt het dubbel. Met een lach en een traan geef ik het stokje over en ga ik als

algemeen bestuurslid mee in de nieuwe vereniging. En zo blijf ik mee denken en vergaderen over de toekomst van de deze nieuwe vereniging.

Voor mij komen er weer nieuwe dingen op mijn pad. Nieuw vrijwilligerswerk. Andere stichtingen, waar ik mijn kennis mag inzetten.

Ik kijk uit naar alles wat er op mijn pad mag komen.